In Rouw

Jac Ballings

Drama in 1 bedrijf

Zondag 10, maandag 11, zondag 17 februari 1952

ELSMAN

Hr. Louis Philipsen

zijn dochter - MAGDA

Mej. Marthe Clement

HET DIENSTMEISJE

Mej. Marie-Louise Van Bavel

Gebroeders Kalkoen

Gerard Nielen

Vrolijk spel in 3 bedrijven

 

winkelier in garen, band, enz. - HENDRIK KALKOEN Hr. Ferdi Vandendael
winkelier in garen, band, enz. - JACOB KALKOEN Hr. Emiel Verhoeven
hun neef - LEO NIEUWLAND Hr. Jan Philipsen
hun zuster - PIETJE Mevr. G. Leemans
FIENTJE VAN ELSEN Mej. Gh. Van Bavel
bediende bij de Gebr. Kalkoen - GERRIT VOLKERS Hr. Jan Coninx
bediende bij de Gebr. Kalkoen - WIM DE NIJS Hr. Jozef Stoffels
huisvriend - HORSTMAN Alb. Van De Walle
huish. bij de Gebr. Kalkoen - TRUUS Mevr. L. Taymans
REESER Hr. Arthur Philipsen
oude loopknecht - JOOP Hr. Ferd. Boenders

Regie

Hr. Ferdi Vandendael
Toneelmeester Hr. Emiel Verhoeven
Opgever Hr. Louis Taymans
Elektrieker Hr. Jos Claessens
Grimeurs Hr. Ferdi Vandendael
Mej. Gh. Van Bavel

De gebroeders Kalkoen, Hendrik en Jacob, winkeliers in garen, band, enz., drijven hun zaakje op naar ouwe trant. Zij kunnen met de nieuwe tijd niet mee. Daarbij is Hendrik, de oudste, een opvliegend iemand, die al dadelijk de vertegenwoordiger van de vakvereniging de deur wijst als die komt pleiten voor verhoging van het salaris van het in de winkel gebruikte personeel.

Leo Nieuwland, hun neef, is ook in het bedrijf werkzaam. Hij houdt van een meisje, dat hij liefst zo spoedig mogelijk aan zijn ooms wenst voor te stellen. Maar de ooms willen daar zo maar niet dadelijk van weten. Zij geven hem zes weken bedenktijd: blijft hij daarna bij zijn besluit, dan zal hij in de eerste plaats moeten bewijzen dat zijn uitverkorene een volmaakte vrouw is.

Het toeval wil dat Horstman, een vriend des huizes, van de twee gebroeders gedaan krijgt, dat zij, die altoos angstvallig alle vrouwelijk personeel uit hun onderneming hebben geweerd thans toch een meisje in dienst nemen: Fientje van Elsen.

Deze heeft er niet alleen een handje van weg om het bedrijf te moderniseren en in korte tijd tot een nieuwe bloei te brengen, maar ook om de twee oude, verstokte vrijgezellen toeschietelijker te maken: alles wat zij doet of voorstelt vindt genade in hun ogen. Zij worden allebei verliefd op het meisje!

Hoe dat aflopen moet? Pietje, de zuster van de winkeliers, krijgt huilcrisis omdat haar broers aan trouwen denken.

En Truus, de oude meid, is er al niet veel beter aan toe.

Tot Truus wordt ingewijd in een geheimpje, en dat nog wel door dat fijne Fientje van Elsen.

Maar Truus moet beloven het niet voort te vertellen.

Vermits Truus het geheimpje bewaart, waarom zouden wij het dan verklappen?